In gesprek met André Meester
17-03-2026Inleiding
Zondag 8 maart bezochten Emil Aktas en ik André Meester bij hem thuis. Zijn gezondheidsconditie is momenteel precair en hij wilde vanuit zijn gevoel van verbondenheid met de schaakclub graag iets van zich laten horen. Het idee kwam toen op om een interview met hem te houden en daar een stukje van te maken voor de website.
We troffen een enigszins vermagerde maar opgewekte André aan, die ondanks dat zijn stem soms wat wegviel, twee uur lang bevlogen en openhartig vertelde over de zaken die hem bezig houden. André mag zonder overdrijving een erudiet man genoemd worden, met een diepgaande wetenschappelijke en levensbeschouwelijke belangstelling, die ook nu nog dagelijks schrijft over zaken als klimaat en religiositeit. De fase van zijn leven waarin hij zich nu bevindt, brengt ook de nodige persoonlijke zelfreflectie met zich mee. Dat hij zijn denkbeelden en gevoelens zo uitgebreid met ons heeft willen delen, maakte het tot een bijzondere ontmoeting waar we met warme gevoelens op terugkijken.
In deze weergave zullen we het accent vooral op het schaken leggen. Bezorgd dat dit in het gesprek te weinig aan bod was gekomen, gaf hij de volgende dag daarover nog leuke aanvullingen en een mooi door hem geschreven artikel “Schaken als dans” over dubbelblunders, dat we hierbij ook publiceren.
Gezondheid
Eind 2023 werd bij André de diagnose darmkanker vastgesteld. In januari vond een ingrijpende operatie plaats, gevolgd door een zware periode van herstel. Kenmerkend voor André verdiepte hij zich zelf in de wetenschappelijke literatuur over chemokuren en wist de arts te overtuigen om de dosering aan te passen. Hij herstelde wonderwel goed, maar in het laatste kwartaal van 2025 begonnen sluimerende uitzaaiingen in diverse organen opeens pijnlijk heftig op te spelen.
André kan als 80-jarige vanuit zijn kijk op het leven goed omgaan met het feit dat uitzicht op herstel nu ontbreekt. De behandeling is erop gericht om de kwaliteit van leven zoveel mogelijk in stand te houden. En daar blijkt hij, ondanks de afnemende energie die hem rest, goed invulling aan te kunnen geven. Voor de komende tijd proberen zijn vrouw Edda en hij nog zo veel mogelijk perspectiefjes te hebben:
‘kunnen we nog een keer naar de kinderen in Duitsland en Parijs, of een pannenkoekje eten in Johanna’s Hof’.
Schaken
André leerde schaken op zijn 12e van een oom op het moment in zijn leven dat hij zijn vader door een ongeluk had verloren. ‘Ik was meteen gevangen…. wat me is bijgebleven is de onmetelijke diepte en onbegrijpelijkheid van het schaakspel en ook de schoonheid van het zoeken naar een weg’.
In 1960 was hij als jongen van 14 volledig gefascineerd door de match tussen Talj en Botwinnik. Iedere dag de krant z.s.m. lezen met uitslagen, afgebroken partijen, analyses.. ‘ik begreep er natuurlijk weinig van’.
In 2018 heeft hij in Riga nog het graf van Talj bezocht:
‘Gigantische Joodse begraafplaats, onleesbaar schrift ook natuurlijk, dus moeilijk te vinden. Maar …de eerste wat oudere man die we tegenkwamen wist onmiddellijk over wie het ging en waar het graf was en bracht ons. Er is in Riga nog heel wat dat aan hem herinnert’.
In die periode deed hij ook mee aan de jaarlijkse V&D simultaanseances en heeft hij met meerdere grootheden geschaakt, o.a. Larsen, Euwe, Flohr:
‘allemaal verloren natuurlijk, maar van de partij tegen Larsen herinner ik me dat ik één van de laatste spelers was en dat Larsen mij - toen ik verloren had in een pionneneindspel - aan het bord uitlegde hoe ik remise had kunnen maken’.
Na 10 -15 jaar is hij gestopt omdat andere dingen in zijn leven belangrijker werden en tijd vroegen, zoals verliefdheden, piano, zangkoor en spiritualiteit. Dit laatste gaf hij invulling bij het Apostolisch Genootschap, dat heel belangrijk voor hem was, maar waar hij in 1998 afstand van heeft genomen.
Dat was ook het moment dat hij het schaken weer oppakte bij Tuindorp Oostzaan. “En jongens dat was fascinerend. Ik kwam daar binnen en het voelde als thuiskomen”. Hij werd al gauw voorzitter, een rol die als het ware van nature goed bij hem past en die hij bij diverse organisaties heeft uitgeoefend. “Ik vind de voorzittersrol prettig want je kunt de vergaderingen een beetje kort houden”.
Een terugkerend patroon was het zoeken van samenwerking en fusies met andere clubs en organisaties.
Samengaan met ZSC-Saende
Later werd hij lid van Het Witte Paard Zaandijk en natuurlijk al gauw voorzitter (en wedstrijdleider intern!). Ook daar was door het teruglopend ledenaantal de noodzaak van samengaan met andere clubs evident. Maar de ogen richtten zich vooral op Assendelft en de Pion en niet op rivaal ZSC-Saende.
Het was de voorzitter van het grotere ZSC-Saende (de helaas te vroeg overleden Erik Bark) die het initiatief voor samenwerking met HWP Zaandijk nam.
Wim memoreert dat hij er indertijd als vanzelfsprekend vanuit ging dat André de rol van voorzitter van de nieuwe schaakclub op zich zou willen nemen. Dat bleek totaal niet te kloppen. André had zich voorgenomen om na afronding van de fusie zich op heel andere belangstellingsgebieden dan schaken te gaan richten.
Dat neemt niet weg dat hij in de zomer van 2024, toen sluiting van Boko Biljart- en Denksportcentrum dreigde, met volle overtuiging de rol van voorzitter van de ContinuïteitsCommissie op zich nam. De energie en inzet van deze groep van zo’n 15 mensen die binnen enkele maanden een nieuwe start met een nieuw bestuur voor Boko realiseerden, vond hij hartverwarmend en inspirerend. “Ik hou van jullie” sprak hij uit bij het afsluiten van de recente vergadering op 23 januari jl.
Belangstellingsgebieden
Gevraagd naar zijn overige passies, noemt André als eerste muziek. Nog voor we nog goed en wel begonnen waren met het interview refereerde hij al aan een muziekstuk van Bach voor zijn uitvaart.
Nu klonk het: Als eerste Schubert, dan komt er een tijdje niks, dan Bach en Mozart. ‘muziek brengt mij in een andere wereld’. Naast klassieke muziek is hij ook wel liefhebber van Leonard Cohen (‘de Schubert van de pop’) en Bob Dylan.
Ook is hij de afgelopen jaren gaan schilderen. In de mail aan schilderes Joke Konijn schreef hij: ‘ik heb mijn hele leven gedacht dat kan ik niet, maar ik vraag me af of ik eigenlijk wel weet wat kijken is’.
Al in de eerste lessen besefte hij dat hij daar begonnen is met leren kijken. ‘Dan kreeg je in die les bijvoorbeeld een bloem om te schilderen en dan zei Joke: je moet hem voelen’
Vanuit zijn brede interesses heeft hij zich ook verdiept in het werk van Iain McGilchrist, een Engels neuroloog/psychiater over de betekenis van de linker- en rechter hersenhelft. Daar heeft hij in 2024 een artikel over gepubliceerd “Over de rol van aandacht op ons wereldbeeld”. De strekking is dat onze westerse cultuur te grote waarde is gaan hechten aan wetenschappelijke rationaliteit en te weinig oog heeft voor intuïtie, gevoel en wijsheid die in de rechterhelft schuilt.
André is een man bij wie de linker hersenhelft altijd dominant is geweest. Inmiddels is zijn denken duidelijk verruimd, zozeer dat hij de term mysticus op zichzelf wel van toepassing vindt. Het motto van zijn artikel luidde:
“ in onze eindeloze onwetendheid zijn we allen gelijk”
Aan het eind vroeg Emil nog naar de impact van het overlijden van zijn vader op jonge leeftijd. Daar is hij pas de laatste jaren een beetje over gaan nadenken en kan van zichzelf daarover niet veel herinneren. Wel vindt hij nu dat hij te weinig oog heeft gehad voor het verdriet van zijn moeder.
En ondanks zijn uitspraak “ik was wie ik was; schuld bestaat niet”, is dat wel iets dat hem nu zichtbaar emotioneert.
Wat de impact van zijn vaders ongeluk is op zijn leven, kun je niet weten. Maar wellicht heeft zijn grote inzet voor verkeersveiligheid, als voorzitter van de Stichting Verkeersveilig en Gezond Westerkoog, hier iets mee te maken.
Tot slot
Het is niet mogelijk om hier de rijke denk- en gevoelswereld van André volledig recht te doen. Laten we afsluiten met zijn zelfreflectie, al vroeg bij zijn eerste openingszinnen:
“Ik ben een heel erge denker en niet zo’n voeler als het om de ander gaat. Ik heb nu het gevoel heel sterk, al die mensen hebben mij gedragen. Dat zou ik nog wel eens willen zeggen: dank jullie wel!
Wij zijn dankbaar dat we een bijzonder mens als André hebben mogen leren kennen.
Wim van der Noort, Emil Aktas

Ter aanvulling hier een mooi artikel van Andre's hand: Schaken als dans.

